Doorgaan naar hoofdcontent

Werkvormen


Op deze pagina vind je een selectie uit de werkvormen die regelmatig in de opdrachten worden gebruikt.

Beeldsamenvatting - Zoek circa 5 bijpassende foto´s op en leg daarmee de inhoud van de tekst uit.

Eén minuut paper - Lees de tekst en schrijf daarna gedurende één minuut alles op wat je weet. Geef met deze aantekeningen een korte uitleg aan een klasgenoot of de klas.

FAQ´s - Vat de informatie in de tekst samen in een aantal FAQ´s (Veelgestelde vragen)

Informatiebordje - Maak een bordje waarop je in enkele zinnen uitleg geeft over het object waar de tekst die je las over gaat.

Interview - Bedenk interviewvragen over de tekst en vat de inhoud daarmee samen. Vorm daarna een tweetal en interview elkaar met jullie vragen.

Mindmap - Maak een aantrekkelijke mindmap die een goed overzicht geeft van wat de tekst vertelt over het onderwerp.

Pleidooi - Neem een standpunt in, in de discussie waarover de tekst gaat. Houd een pleidooi voor de klas waarin je je standpunt bepleit.

Schema - Vat de tekst samen in een schema. Zorg dat de pijlen en andere tekens goed de verbanden aanduiden tussen de onderdelen. Bedenk goed welke werkwoorden centraal staan in de tekst en (dus) in jouw schema.

Schets - Lees de tekst en maak daarna een snelle samenvatting in enkele snelle tekeningen. Geef met deze aantekeningen een korte uitleg aan een klasgenoot

Souvenir - Vat de tekst samen door enkele souvenirs bij de plaats of de gebeurtenis in de tekst te bedenken. Motiveer je keuze voor deze souvenirs.

Stellingenspel - Vat de tekst samen in vijf stellingen. Lever ze in bij de leraar. Een (willekeurige) keuze uit alle stellingen gebruiken we voor korte debatten over het onderwerp van de tekst.

Talkshow - Maak een duo en bereid een vraaggesprek voor over de tekst. De een speelt de rol van interviewer, de ander de rol van expert.

Tijdbalk - Vat de chronologische informatie in de tekst samen in een tijdbalk.

Toets - Maak een toets van 10 á 15 vragen over de tekst. Zorg dat je vraagt naar alle aspecten die de tekst behandelt.

Tweet - Vat de tekst samen in enkele tweets (gericht aan een persoon die in de tekst aan het woord is).

Verslaggever - Treed op als verslaggever. Bespreek het onderwerp kort voor de klas.

Vlog - Vat de tekst samen in een vlog van enkele minuten.