Doorgaan naar hoofdcontent

Kerst in oorlogstijd


Bron
Nu.nl 
WOI-soldaten vierden in 1914 tussen de loopgraven Kerst met de vijand

Woordenschat
stokken - het niemandsland - de spade - het regiment - het bestand

Leerdoel
Ik kan het verhaal in eigen woorden navertellen.

Opdracht 1 - Stiftgedicht
Maak een gedicht door (een deel van) de tekst weg te lakken en een aantal woorden te laten staan. Die woorden vormen samen een gedicht dat op de een of andere manier met het onderwerp van de tekst te maken heeft. Bekijk online een aantal voorbeelden van stiftgedichten. 

Opdracht 2 - Mindmap
Maak een mindmap over de inhoud van het verhaal. Voeg wat je al wist over het thema eerste wereldoorlog toe aan de mindmap. Bekijk eerst online een aantal voorbeelden. Houd goed rekening met de kenmerken van een mindmap (tekst, beeld, kleuren, verbanden).

Opdracht 3 - Voorpagina
Maak een ontwerp voor een voorpagina van een krant, tijdschrift of nieuwswebsite waarop je verschillende aspecten van het verhaal in beeld brengt. Bedenk welke deelonderwerpen, koppen en foto´s jij zou gebruiken voor je voorpagina.


In de winter van 1944 was er weinig voedsel meer. Met hun laatste reserves gingen veel mensen op pad, op zoek naar eten voor hun families.

Bron
AD 
Zo vierde Rotterdam kerst tijdens de Hongerwinter: ‘Ondanks ellende was er veel saamhorigheid’

Woordenschat
murw - de represailles - schamele - het mortuarium - alleen zien te rooien - misère - ontberingen

Leerdoel
Ik kan belangrijke gevolgen van de Hongerwinter beschrijven.

Opdracht 1 - Quiz
Bedenk acht meerkeuzevragen over het nieuws in de tekst. Zorg voor vier makkelijke en vier moeilijke vragen. Zorg dat de makkelijke vragen nog wel enige uitdaging bieden en zorg dat de moeilijke vragen (met veel denkwerk) nog wel te beantwoorden zijn. Speel de quiz (met jullie verzamelde vragen) eventueel met een of meer klasgenoten. Je kunt de quiz evt. vormgeven in Kahoot, Quizlet, Socrative of een ander programma.

Opdracht 2 - Stiftgedicht
Maak een gedicht door (een deel van) de tekst weg te lakken en een aantal woorden te laten staan. Die woorden vormen samen een gedicht dat op de een of andere manier met het onderwerp van de tekst te maken heeft. Bekijk online een aantal voorbeelden van stiftgedichten. 

Opdracht 3 - Dobbelen
Je vormt een groep en bespreekt aan de hand van een dobbelsteen de tekst. De nummers van de dobbelsteen verwijzen naar de 5w1h-vragen: 1 = wie, 2 = wat, 3 = waar, 4 = wanneer, 5 = waarom en 6 = hoe. Bij het nummer dat je gooit, bedenk je een vraag over de tekst. De anderen geven antwoord op de vraag. Controleer eventueel samen het antwoord met de tekst, als daar twijfel over is.

Populaire posts van deze blog

Geld voor het oprapen

In Amsterdam worden prullenbakken vaak opengebroken door mensen die statiegeldflesjes en -blikjes verzamelen. Dit zorgt voor veel zwerfafval en overlast in de stad. In deze tekst worden verschillende oplossingen besproken om dit probleem aan te pakken. Het Parool |  Lezers over opengebroken prullenbakken in Amsterdam: ‘In Berlijn en Kopenhagen is deze oplossing al heel normaal’ Leerdoel   Je kunt verschillende oplossingen noemen voor het probleem van opengebroken prullenbakken in Amsterdam. Woordenschat grootwinkelbedrijven, exploiteren, initiatief, memo Opdrachten 1. Vat de oplossingen in de tekst samen. 2. Bespreek met anderen welk van deze oplossingen naar jullie verwachting het beste zal werken. Beargumenteer waarom je dat denkt. 3. Bespreek met anderen of er nog andere oplossingen zijn. 

Werkvorm op vrijdag: stiftgedicht

Een stiftgedicht is een creatieve manier om een gedicht te maken door woorden of zinnen uit een tekst te selecteren en de rest te ‘stiften’ (door te doorstrepen of met een kleur weg te vlakken). Hieronder vind je een stap-voor-stap uitleg over hoe je een stiftgedicht kunt maken. 1. Kies een tekst: Dit kan een krantenartikel, boek, tijdschrift, of zelfs een ander gedicht zijn. Het maakt niet uit wat voor soort tekst, zolang het maar voldoende woorden en zinnen bevat die je kunt gebruiken. 2. Lees de tekst door: Kijk of er woorden of zinnen in de tekst staan die je aanspreken of die een bepaalde emotie of beeld oproepen. Je hoeft niet elke zin te gebruiken, alleen de woorden die je interessant vindt. 3. Markeer de woorden: Terwijl je door de tekst leest, markeer je de woorden of zinnen die je wilt gebruiken. Dit kunnen woorden zijn die een gedicht laten ontstaan, of woorden die een interessante betekenis samenvoegen. 4. Stift de rest van de tekst: Gebruik een stift om de re...

Boem en het is uit met vuurwerk

Elk jaar leidt consumentenvuurwerk tot veel discussie vanwege de schade, verwondingen en overlast die het veroorzaakt. Nu er een meerderheid in de Tweede Kamer voor een landelijk vuurwerkverbod is, lijken de regels te gaan veranderen. Voorstanders benadrukken de veiligheid en duidelijkheid die een verbod biedt, terwijl tegenstanders vrezen voor illegale handel en het verlies van een geliefde traditie. Kies een artikel over de redenen voor een vuurwerkverbod. Leerdoel   Je kunt argumenten voor en tegen een vuurwerkverbod bespreken. Woordenschat handhaven, roependen in de woestijn, federatie, portefeuillehouder, maatschappelijke prijs, democratie, vrijheid van meningsuiting. Opdracht 1. Vat de argumenten voor en tegen in de tekst samen. 2. Bespreek met anderen welke argumenten er mogelijk nog meer zijn.  3. Schrijf kort je eigen standpunt op. Beargumenteer met goede argumenten voor je standpunt en en ga in op de argumentatie van andere standpunten.