Doorgaan naar hoofdcontent

De risico's voor heel jonge profsporters


Wat gebeurt er met jonge sporttalenten die al op vroege leeftijd in de wereld van volwassenen terechtkomen? Hoogleraar Nicolette Schipper-van Veldhoven stelt kritische vragen over de druk en de risico's waarmee deze wonderkinderen te maken krijgen. Terwijl zij schitteren op het veld en op het podium, rijst de vraag: is het wel gezond om kinderen al zo jong bloot te stellen aan de harde realiteit van topsport?

De Volkskrant ‘Als pubers medailles moeten halen, komt hun ontwikkeling onder druk te staan’ (artikel, vrij toegankelijk maar mailadres noodzakelijk)

Leerdoel
Je kunt de risico's en ethische vragen benoemen die er zijn bij topsport door jonge deelnemers.

Woordenschat
prestatiedruk, groeischijven, lector, psychosociale ontwikkeling, blessure, mentale problemen, risicoanalyse, drillen

Vragen

1. Waarom pleit hoogleraar Nicolette Schipper-van Veldhoven voor een minimumleeftijd van 18 jaar voor deelname aan sportwedstrijden voor volwassenen?

2. Hoe gaan jonge sporttalenten zoals Lamine Yamal en Cavan Sullivan om met de druk die komt kijken bij topsport?

3. Welke risico's brengt het deelnemen aan wedstrijden met volwassenen op jonge leeftijd met zich mee volgens wetenschappelijke onderzoeken?

4. Wat zijn de verschillen in leeftijdsgrenzen voor deelname aan sportwedstrijden in verschillende sporten en landen?

5. Hoe beïnvloedt intense training op jonge leeftijd de lichamelijke ontwikkeling van sporters volgens de internationale schaatsbond ISU?

6. Wat zijn de gevolgen van de prestatiedruk op de persoonlijke ontwikkeling van jonge sporters?

7. Waarom zijn mentale problemen zoals bij Ian Thorpe en Michael Phelps een risico voor jonge sporters die op jonge leeftijd in de topsport terechtkomen?

8. Wat zijn de argumenten voor en tegen het toestaan van jonge sporters om deel te nemen aan grote internationale toernooien zoals het EK of de Olympische Spelen?

9. Welke rol speelt de omgeving van jonge sporters, zoals ouders en coaches, in het managen van prestatiedruk en verwachtingen?

10. Hoe kan het relativeren van sportprestaties en het verleggen van de focus op persoonlijke ontwikkeling bijdragen aan een gezondere carrière voor jonge sporttalenten?

Opdrachten

1. Omgaan met druk
Denk terug aan een moment waarin jij, of iemand die je goed kent, druk ervaarde tijdens het sporten of een andere activiteit. Schrijf in een krachtige paragraaf hoe je hiermee omging en wat je daarvan hebt geleerd. Als je de situatie opnieuw zou beleven, zou je iets anders doen? Zo ja, wat?

2. Kort debat - Is een minimumleeftijd in topsport nodig?
Stel jezelf de vraag: moet er een minimumleeftijd van 18 jaar komen in de topsport? Kies een standpunt en voer samen met een klasgenoot een snel debat van vijf minuten. Schrijf daarna op of het debat je standpunt heeft veranderd en waarom.

3. Verhaal schrijven: Het leven van een jong talent
Stel je voor dat je een jong sporttalent bent dat ineens in de schijnwerpers staat. Schrijf een kort verhaal (maximaal 150 woorden) waarin je laat zien hoe het is om met die druk en hoge verwachtingen om te gaan. Wat zijn de uitdagingen? Waar vind je plezier?

4. Creatieve mindmap - Wat beïnvloedt jonge sporters?
Ontwerp een mindmap waarin je de verschillende invloeden op jonge sporters verkent. Denk aan fysieke uitdagingen, mentale druk, sociale verwachtingen en prestatiegerichtheid. Gebruik minimaal vijf vertakkingen en voeg concrete voorbeelden toe die laten zien wat er speelt in het leven van een jong talent.

Populaire posts van deze blog

Geld voor het oprapen

In Amsterdam worden prullenbakken vaak opengebroken door mensen die statiegeldflesjes en -blikjes verzamelen. Dit zorgt voor veel zwerfafval en overlast in de stad. In deze tekst worden verschillende oplossingen besproken om dit probleem aan te pakken. Het Parool |  Lezers over opengebroken prullenbakken in Amsterdam: ‘In Berlijn en Kopenhagen is deze oplossing al heel normaal’ Leerdoel   Je kunt verschillende oplossingen noemen voor het probleem van opengebroken prullenbakken in Amsterdam. Woordenschat grootwinkelbedrijven, exploiteren, initiatief, memo Opdrachten 1. Vat de oplossingen in de tekst samen. 2. Bespreek met anderen welk van deze oplossingen naar jullie verwachting het beste zal werken. Beargumenteer waarom je dat denkt. 3. Bespreek met anderen of er nog andere oplossingen zijn. 

Werkvorm op vrijdag: stiftgedicht

Een stiftgedicht is een creatieve manier om een gedicht te maken door woorden of zinnen uit een tekst te selecteren en de rest te ‘stiften’ (door te doorstrepen of met een kleur weg te vlakken). Hieronder vind je een stap-voor-stap uitleg over hoe je een stiftgedicht kunt maken. 1. Kies een tekst: Dit kan een krantenartikel, boek, tijdschrift, of zelfs een ander gedicht zijn. Het maakt niet uit wat voor soort tekst, zolang het maar voldoende woorden en zinnen bevat die je kunt gebruiken. 2. Lees de tekst door: Kijk of er woorden of zinnen in de tekst staan die je aanspreken of die een bepaalde emotie of beeld oproepen. Je hoeft niet elke zin te gebruiken, alleen de woorden die je interessant vindt. 3. Markeer de woorden: Terwijl je door de tekst leest, markeer je de woorden of zinnen die je wilt gebruiken. Dit kunnen woorden zijn die een gedicht laten ontstaan, of woorden die een interessante betekenis samenvoegen. 4. Stift de rest van de tekst: Gebruik een stift om de re...

Boem en het is uit met vuurwerk

Elk jaar leidt consumentenvuurwerk tot veel discussie vanwege de schade, verwondingen en overlast die het veroorzaakt. Nu er een meerderheid in de Tweede Kamer voor een landelijk vuurwerkverbod is, lijken de regels te gaan veranderen. Voorstanders benadrukken de veiligheid en duidelijkheid die een verbod biedt, terwijl tegenstanders vrezen voor illegale handel en het verlies van een geliefde traditie. Kies een artikel over de redenen voor een vuurwerkverbod. Leerdoel   Je kunt argumenten voor en tegen een vuurwerkverbod bespreken. Woordenschat handhaven, roependen in de woestijn, federatie, portefeuillehouder, maatschappelijke prijs, democratie, vrijheid van meningsuiting. Opdracht 1. Vat de argumenten voor en tegen in de tekst samen. 2. Bespreek met anderen welke argumenten er mogelijk nog meer zijn.  3. Schrijf kort je eigen standpunt op. Beargumenteer met goede argumenten voor je standpunt en en ga in op de argumentatie van andere standpunten.