Doorgaan naar hoofdcontent

Een toekomst voor Syrië - maar hoe ziet die er uit?

De situatie in Syrië is de afgelopen jaren sterk veranderd, vooral na de val van dictator Bashar al-Assad. Het land bevindt zich nu op een kruispunt, waarbij verschillende landen en groeperingen invloed proberen uit te oefenen op de toekomst van Syrië.


Leerdoel 
Je kunt de belangrijkste gebeurtenissen en de rol van verschillende landen in de situatie in Syrië uitleggen.

Woordenschat 
geopolitiek, dynastie, historicus, rebellen, gedoogsteun, mogendheden, Taliban-light, bloedvergieten, Veiligheidsraad, gedemilitariseerde, compromissen, interventie

Vragen
1. Wat markeert de val van Assad voor Syrië?
2. Welke landen worden genoemd als mogelijke invloeden op de situatie in Syrië?
3. Hoe verzwakt is Iran volgens de deskundigen in de regio?
4. Welke rol speelt de islamitische groep HTS in de opstand tegen Assad?
5. Hoe reageerden landen als Amerika en Rusland op de situatie in Syrië?
6. Wat is de houding van de toekomstige Amerikaanse president Trump ten opzichte van Syrië?
7. Welke landen zouden mogelijk in actie komen als de islamitische rebellen Damascus overnemen?
8. Wat is de positie van Turkije ten opzichte van de situatie in Syrië?
9.  Hoe zal de rol van de Koerden de situatie na Assads val beïnvloeden?
10. Wat is de vraag over de toekomst van HTS en hun bereidheid tot compromissen?

Opdrachten
1. Media-uitzending: Maak een kort script voor een tv-uitzending waarin je de situatie in Syrië uitlegt voor een breed publiek. Beschrijf de val van Assad, de rol van verschillende landen, en wat de mogelijke gevolgen zijn voor Syrië en de wereld.
2. Taal van oorlog: Onderzoek de taal die wordt gebruikt in de tekst om oorlog te beschrijven en schrijf een verslag over hoe de taal de perceptie van het conflict beïnvloedt. Bijvoorbeeld, hoe woorden als "bloedvergieten", "rebellen" en "interventie" de manier waarop we naar de situatie kijken kunnen veranderen.

Populaire posts van deze blog

Werkvorm op vrijdag: stiftgedicht

Een stiftgedicht is een creatieve manier om een gedicht te maken door woorden of zinnen uit een tekst te selecteren en de rest te ‘stiften’ (door te doorstrepen of met een kleur weg te vlakken). Hieronder vind je een stap-voor-stap uitleg over hoe je een stiftgedicht kunt maken. 1. Kies een tekst: Dit kan een krantenartikel, boek, tijdschrift, of zelfs een ander gedicht zijn. Het maakt niet uit wat voor soort tekst, zolang het maar voldoende woorden en zinnen bevat die je kunt gebruiken. 2. Lees de tekst door: Kijk of er woorden of zinnen in de tekst staan die je aanspreken of die een bepaalde emotie of beeld oproepen. Je hoeft niet elke zin te gebruiken, alleen de woorden die je interessant vindt. 3. Markeer de woorden: Terwijl je door de tekst leest, markeer je de woorden of zinnen die je wilt gebruiken. Dit kunnen woorden zijn die een gedicht laten ontstaan, of woorden die een interessante betekenis samenvoegen. 4. Stift de rest van de tekst: Gebruik een stift om de re...

Geld voor het oprapen

In Amsterdam worden prullenbakken vaak opengebroken door mensen die statiegeldflesjes en -blikjes verzamelen. Dit zorgt voor veel zwerfafval en overlast in de stad. In deze tekst worden verschillende oplossingen besproken om dit probleem aan te pakken. Het Parool |  Lezers over opengebroken prullenbakken in Amsterdam: ‘In Berlijn en Kopenhagen is deze oplossing al heel normaal’ Leerdoel   Je kunt verschillende oplossingen noemen voor het probleem van opengebroken prullenbakken in Amsterdam. Woordenschat grootwinkelbedrijven, exploiteren, initiatief, memo Opdrachten 1. Vat de oplossingen in de tekst samen. 2. Bespreek met anderen welk van deze oplossingen naar jullie verwachting het beste zal werken. Beargumenteer waarom je dat denkt. 3. Bespreek met anderen of er nog andere oplossingen zijn. 

Zorgelijke Duitse cijfers over discriminatie en racisme

Woordenschat: sentimenten (alinea 3) bagatellisering (bagatelliseren) (alinea 3) specifieke (alinea 4) potentiële (alinea 5) peilingen (alinea 5) Lees het artikel Duitsland: haat tegen moslims, Roma en homo´s groeit BK 1. Hoe is het onderzoek gedaan volgens alinea 1? 2. Waarom zijn de uitkomsten volgens alinea 2 opvallend? 3. Waarom komt de politieke partij AfD ter sprake (alinea 5)? 4. Wat vinden de onderzoekers zorgelijk (alinea 6)? 5. Wat hebben brandstichtingen te maken met de laatste alinea? GT 1. Over welke twee onderwerpen gaat alinea 2? (1) ... (2) ... 2. Verklaar het kopje Vluchtelingen. 3. Waarover ging het onderzoek oorspronkelijk (vanaf 2002) volgens alinea 3? 4. Welke voorbeelden van racisme, antisemitisme en nazisme noemt alinea 3? 5. Welke twee groepen noemt de laatste alinea? (1) ... (2) ... HV 1. Welke twee grote toenames ziet het onderzoek volgens alinea 2? 2. Wat is de reden voor het onderzoek (alinea 3)?...